Maandelijks archief: december 2011

Kerststressen, en alle poezen leven nog!

Kerststressen, we zijn er dit jaar gespaard van gebleven. Oef.
Geen ge-ren, geen laatste minuut koopjes, geen aanschuiven in rijen ongeduldige, overgeparfumeerde koopkippen (m/v). Geen warmteschok van -3 buiten naar de +28 graden Celsius in de bomvolle Blokkers, Casa’s en ander Habitatten. Geen Gejengle Bells noch versuikerde Careykloonen die alleen mij willen voor Kerstmis. Nikske van dit alles dit jaar.

De kinderen vierden bij hun papa en we hebben ruzie gezocht met al onze vrienden. Heerlijk. Zo hadden we op kerstavond helemaal niks aan de hand.
We moesten gewoon even binnenwippen in de Colruyt om een paar noodzakelijkheden om het w-e door te komen: kattenzand, WC-papier, deo en omdat we er toch waren: cottage cheese. Dat is van die natte brokken kaas, iets tussen ziekelijke yoghurt en een zeldzaam soort witte rubber. Maar zij eet dat nu eenmaal graag.

Er was omzeggens niemand in de Colruyt. En dat op vrijdag 23 december om half negen. Il faut le faire. Het leven lachte ons toe. 2012 wordt een bom. Het kan nu al niet meer stuk. De cottage cheese vonden we meteen, de deo’s vormden ook niet zo’n probleem. Bij het kattenbakzand verrekte ik mijn oksel. Ja, ik weet ook niet hoe dat kan, maar het gebeurde wel. Zo erg was dat niet, ik gebruik die oksel toch voornamelijk om uit te stinken. En daar was dan die deo voor. Moehaha.

Nu nog het toiletpapier. Koning, keizer, admiraal: Popla kennen ze allemaal. Verder dan adelborst ben ik nooit geraakt en da’s niet genoeg om admiraal noch royaal te zijn, Popla werd het alvast niet. Het is moeilijk kiezen. In het grootwarenhuis hebben ze 53 soorten (ruwe schatting): eenlagig (voor bezoekers met stinkende vingers), tweelagig, drielagig, vierlagig (isolatiepremie zonet afgeschaft), gewatteerd, geparfumeerd (Bea, uw gat riekt naar rozen. Merci Marcel), bedrukt met eurobriefjes, bedrukt met hartjes, in het roze, in het blauw, met luchtkussentjes (zoals in noppenplastiek: kun je noppen ploppen op de pot tijdens de prot), met een touch van schuurpapier (voor de zeebonken onder ons die gewoon zijn hun achterste af te vegen met platte pladijs), makkelijk oplosbare of proppenrollend in je afwateringssysteem, waar je maanden later nog veel plezier uit kan puren met de potontstopper. Of gewoon zielig karakterloos.

Wij kiezen meestal het goedkoopste dat toch nog zacht genoeg is. Het uitverkorene bleek te getuigen van een diepgeworteld HupHollandHup-gevoel. ’t Was oranje.
Zap begon de kar in te laden: pak 1, pak 2, pak 3 tot haar oog viel op de prijzen: Hey, dat oranje bestaat in twee prijzen: ziemaar hier. Ze wijst met haar overigens zeer mooie wijsvinger naar de prijs onder de pakken oranjegevoel. Inderdaad, een prijsverschil van een achttal centen voor hetzelfde WC-papier. Ze kijkt het nog na, en vindt geen verschillen op de pakken. De linkse negen rollen zijn gescheten hetzelfde als de rechtse negen rollen. Ze voelt haar meteen gerold. Daar gaat de Kerstsfeer. Gelukkig is er dan een man nodig om erop te wijzen dat de prijzen uitgedrukt waren in liter. En dat het vermoedelijk ging om de prijs van de blikjes Schweppes in vergelijking met de prijs van de blikjes Cola, die broederlijk naast mekaar stonden onder het toiletpapier. Crisis afgewend.

Een vrolijke meid in blauwe overall komt ons erop wijzen dat de winkeltijd erop zit. Een vrolijke jongeman bedient ons uiterst vriendelijk aan de kassa. Ook als wij met een onmogelijke combinatie komen van maaltijdcheques, Colruytkaart, koperen kleingeld, kleine coupure briefjes en nog eens honderd euro cash willen opnemen bij zijn kassa. Het gaat allemaal zonder problemen met de glimlach. In een opperbeste stemming rijden we de parking af en een poes dood.

Dat van die poes is niet waar maar anders had ik geen prangend einde.

Advertenties

Kwien

Bye Sukkel! Bye Sukkel!
Onze jongste zap loopt roepend door huis.
Bye Sukkel!

Van Sinterklaas op papa’s werk kreeg ze een MP4-spelertje, en nu bobbelt ze al de hele morgen het huis door met dat ding in haar oren. Dan doet (het werkwoord zingen is hier echt niet gepast) ze mee met de muziek.
En nu is dat dus Bye Sukkel van Queen.


 

 

Geurig vrijdagsritueel

Wij hebben een kersenpittenkussentje. Zij in het gezin met de grootste oren* kan dat niet uitspreken. Zij zegt steevast persenkittenpussentje. Ik vind dat leuk.
Dat persenkittenpussentje of dat kersenpittenkussentje, naargelang de eigenaar van de koude voet, wordt warm gemaakt in de microgolfoven. Twee en een halve minuut zachtjes tollen en dan is het klaar.
Omdat de kinderen al graag eens een pizza op de crispplaat bakken, en de poetsvrouw daar niet komt, rieken onze voeten elke vrijdag nu telkens naar pizza Margharita.
Heel soms, als de zoon lekker raar doet, naar curryworst.
En dan zijn wij gelukkig. Stinkend, maar gelukkig.
Voilà. Meer moet dat niet zijn.

* – Heeft Zap dan zo’n grote oren? Jawel.
  – Dat was me nog niet opgevallen! Toch toch, eens goed op letten de volgende keer.

Zeventien jaar terug in de tijd

Ze hadden mij nog zo gewaarschuwd voor het verkeer: Brussel-Leuven, het is niet te doen op dat uur, en zeker niet als je dan ook nog in het hartje van de binnenstad moet zijn. Nu ja, in het hartje, in de “triple twee” als je het op een dartsbord zou prikken. Google maps rekende voor dat het op 26 minuten kon, en dus voorzag ik 26 minuten maal 3. Ik was er dan ook 2 keer 26 minuten te vroeg.

De receptiemadam, een jonge juffer met mopsneus, kon me niet verder helpen, zij wist ook niet in welk lokaal ik les moest geven. Maar de jonge juffer zonder mopsneus (een zwaar accident bij het kettingzaagjongleren) wist dat wel, alleen kwam die pas over 26 minuten. In tussentijd kon ik gerust plaatsnemen in de kantine, en iets drinken. Er waren automaten met allerlei plakkerigs in blikjes, maar er was ook de bar, waar je echt bier en echte wijn kon krijgen. Nou.

Ik daarheen, wat moest ik anders?
De automaten werkten op geldstukken en die lagen in de auto.
De kantine werkte op proton en dat lag in mijn verleden.
Ik wist niet eens dat dat nog bestond. Mijn laatste betaling met proton moet geweest zijn in -ik gok maar even hoor- 1969, bij de aankoop van mijn eerste Opel Kadett, een schone rooie met duitse nummerplaten.

een schone rooie met duitse nummerplaten

Het werd dus met droge keel rondgapen naar mijn medekantinezen, voornamelijk nog-net-niet-mans-jongens van 19, 20, het studentikoze type quoi. Wat niet zo verwonderlijk was, want ik zat in de refter van Hoge School Groep T. De ex-pubers dronken zonder uitzondering Duvel. Ik voelde mijn keel verzanden.
Mmmtepteptep aaaah. Mmmtepteptep aaaah.

Eigenlijk vond ik het wel amusant, hun praat zo’n beetje volgend. Hun stemmen net iets zwaarder dan dat ze van nature zijn, en vrolijk intelligent willen doen. Ik herkende de mezelf van vijftien jaar geleden erin. Alleen dronk ik toen geen Duvel, neuhneuhneuh. Deze jongen dronk toen wijn, jawel. (’t was goedkoper – 79 frank voor een fles Minervois). Het Duvel drinken ging bij hen ook niet zo goed. Althans, de manier waarop ze hun glas vasthielden had toch iets knulligs vond ik. Tegen het eerste jaar master zou dat wel in orde komen. De school is er om te leren.

Toen liep door het beeld een dametje met hoge hakken, een gebreide vier keer te grote trui en een saccoche met veel te lang hengsel. Die moest ik volgen. Want ze had geen neus.
Het lokaal waar ik moest zijn was 11.02. Dat was de draaitrap op, vijf windingen naar boven en daar dan de aula in de hoek. Ik kreeg er ook een sleutel bij, want misschien was de deur wel op slot.

Vijf windingen naar boven en daar dan de aula in de hoek

Ik tjaffelde naar boven, voelde aan de deur en tuimelde de aula binnen. Waar ik meteen de blikken op mij kreeg van vijftig studenten en een prof wiskunde. Zo een echte, met een door merg en been snijdende stem en een grijsbruinblond page kapsel, een vrouw. Toen het licht even veranderde zag ik dat het eerder blondbruingrijs was. Ik noteerde het, je weet nooit dat ik hier nog een blogstukje over schrijf. Ik vroeg of ik nog een halfuurtje mee mocht volgen -dat mocht- en ik toetste of ik nog kon volgen. Matrixen en vectoren, determinanten en afgeleiden, daar was ik vroeger goed in!
Geen fluit wist ik er nog van. De school is er om te leren, maar trop is teveel. Een mens zou er verduveld dorst van krijgen. Maar ja, dat ging dan weer niet.

Wat me ook meteen opviel: ze schreven daar nog met krijt, zoals in de jaren tachtig! Cool! Echt krijt. In kleurtjes! Meteen besloot ik mijn slides overboord te gooien en alles op het bord te tekenen. Joepie. Krijt. (Jahoor, ik ben een groot klein kind, en dan?). Zesentwintig minuten later had ik hoofdpijn en was de wiskundeles voorbij. Haar publiek stroomde naar buiten, en mijn publiek slenterde naar binnen. Ik haastte me naar de krijtjes. Meteen had ik een veeg op mijn trui, maar ik veegde daar lekker mijn trui aan. Of zoiets.

Was ik me daar op dreef zeg!

Ik heette de studenten welkom, stelde mezelf voor, veegde het bord af, en het opstuivend stof bezorgde me meteen een kriebelkramphoest.
Kan ik je wat water aanbieden? vroeg er eentje op de eerste rij. Een Duvel liever, krochelde ik. Maar dat verwaaide in een hoestbui en niemand verstond het.

En zo ben ik toch aan water geraakt, zonder proton noch geldbuidel.
De school is er om te leren.

Toen liedjes nog moesten rijmen

En dansers niet synchroon moesten dansen.
Heerlijk heerlijk: Nino Ferrer met Le Téléfon

Gaston,

il y a l’téléfon qui son
et il y a jamais person
qui y répond

Non (x 23).

Het circus, de populier en de boomzaag

Zapnimf staat op met een ochtendhumeur:
Ik heb onrustig geslapen en dat is jouw fout!

Hoor maar, ik droomde dat ik met mijn vriendin D. op een vliegend tapijt zat. Wel, eerst op een gewoon tapijt, zo’n donkerrood, met bomma tekeningen, zo’n oud tapijt dus en plots wordt dat een vliegend tapijt. Mijn juf was er ook bij en die zei nog dat we moesten opletten, maar daar trokken wij ons niets van aan en we vlogen hoger en hoger en hoger. Over een pluchen brug heen zodat we daarachter konden kijken naar de veelkleurige tenten van een circus. We horen de klaroenen en de fluiten en de leeuwen brullen en olifanten trompetten. We ruiken suikerwafels, en pannenkoek met choco. Er zijn  veel mensen, ouderen, kinderen en alles wat ertussen past. maar we vliegen steeds hoger, en nog hoger tot we zo hoog zijn dat de mensen op kevers lijken die zich haasten naar een tentvormige paddenstoel. We voelen de frisse wind om onze wangen heen, we vliegen hoger op ons vliegend tapijt en plots! zomaar ineens zonder aanleiding, laat die D. zich achterover vallen, een beetje zoals duikers zich van de rubberboot in zee laten vallen, zomaar hé, achterover. Ze stuikt dus van het tapijt af, de dieperik in. Honderden meters diep was dat. Gelukkig valt ze niet te pletter, maar komt ze terecht in een populier. Ik denk nog, oef, ze is gered, maar neen, daar valt ze uit, zwiep zo, je kent dat wel, naar een lagere struik, geen idee naar wat maar iets wat de Menck zeker kent, en vandaar dendert die met haar klikken en haar klakken knal, plat op haar rug op de grond. Bam. Stilte.

Ik zweef naar beneden om haar te onderzoeken, en ze ligt er, och als ik er nog maar aan denk, helemaal met verwrongen rug, in een boogje doodstil. Geen bloed te zien, maar ze beweegt niet en ze ziet lijkbleek.
Ik probeer haar te ondersteunen, maar ze reageert niet en dan hoor ik iets ronken. Precies alsof ze ademt, spint zoals een poes. Het is een soort van snorren dat luider wordt. Ze spint niet, snort niet, ze snurkt!. Ze is helemaal niet dood, maar ze snurkt.
En dan blijkt dat het niet in mijn droom is maar erbuiten! Ik word wakker. Jij bent het die snurkt.

Zo’n vervelende droom en da’s jouw fout. Je weet toch dat ik hoogtevrees heb!

Boem! Ethisch reveil

Onze pre-sales afdeling (de volle twee werknemers) hielden hun wekelijks uurtje stand van zaken.

Nou bij mij liep het als een trein: acht nieuwe demo’s versierd! Alleen zit ik toch wel met een ethisch probleem.
De andere kijkt vreemd op: Hey! Dat treft. Ik zit ook met een ethisch probleem! Doe jij maar eerst.
Wel euh, ik heb een demo gescoord bij een bedrijf dat kogels verkoopt… Ik weet niet goed of ik er op moet in gaan. En jij?
Mijn demo is bij FN Herstal…