Maandelijks archief: mei 2012

Poes is dood

Poes, toen al ferm vermagerd

Poes is dood.

Poes is dood. Het klinkt nog een beetje onwezenlijk. Poes, onze oudste, is niet meer.
Poes was haar roepnaam. Omdat dat een van de eerste woordjes was van onze toen achttien maanden oude  dochter: Poesj poesj poesj! Zo werd de poes Poes.

Maar zo werd ze zelden genoemd. Alleen als ze weer eens een stukje kaas van de tafel pikte, dan was het: Poes!Meestal werd over haar gepraat in derde persoon.
Tegen mij: Zeg, jouw vriend de poes heeft vandaag weer…
Tegen hem: Ga maar naar vriend de mens, hij zal voor jou…

En nu is ze er niet meer.
Gestorven van de ouderdom, vermoedelijk nierfalen en een hartinfarct of zo. Ze was net niet dement genoeg om er zelf veel last van te hebben.
Ze is er niet meer. Ze ligt nu begraven achter in de tuin, met een kruisje erop van sparrenhout.

Mijn vriend de poes.
Knuffel.

Advertenties

Postbode pesten of Smeerpoetsen van mezen

Wij hebben een lieve postbode. Zo eentje met een baard en een rode bestelwagentje. Hij stopt brieven, rekeningen, tijdschriften en ander lekkers in onze brievenbus. Ik weet wel, het is zijn job, maar je moet het toch maar doen. Onze brievenbus is echt wel onheilspellend lelijk.Lelijk, maar ook aantrekkelijk voor vogeltjes. Vooral mezen zijn ervoor te vinden. Als de lente is in ’t land, dan broedt de mees op onze krant. Kunnen we mee leven, alleszins beter dan: De winter is henen, de lente is hier, daar krasselt een lammergier.

Da’s nu al het derde jaar op rij, dat koolmezen ons manueel meelrecipiënt verkiezen tot broedplaats. Ze proppen de brievenbus vol met mos en vooral veel zacht materiaal, pluimpjes en pluisjes en zo, en dan gaan ze er eitjes leggen. Zes hadden we er dit jaar. Natuurlijk kan het niet dat mamamees of papamees op hun nest zitten en dan een rekening van de Pidpa in hun oog krijgen. Of godbetert een reclamefoldertje op glanspapier van een politieke partij. Je zou voor minder koekoek worden.

Dus hebben wij een nep-brievenbus gemaakt, die tijdens de broed dienst doet als officiële brievenbus. Met duidelijke richtlijnen voor de postman.
Wij hebben een lieve postbode, ik zei het al. Dus die brave borst houdt zich netjes aan onze richtlijnen:
vuilnisbak open, post erin, vuilnisbak weer waterdicht afsluiten, schoenen uit, en de wagen op sokken tot bij de buur duwen, zodat onze mezekes goed kunnen uitrusten van wat vast wel weer een drukke nacht was. Voilà.
Dit jaar hebben we de eerste vlieglessen gemist. Normaal proberen we de mezen een beetje te helpen door uitvliegtakken te plaatsen zodat de baby-stuntvliegers niet onmiddellijk ter aarde neerstuiken als ze aan hun maidentocht willen beginnen. Maar dit jaar zijn we het halvelings vergeten. Niet helemaal, zo’n lanceerplatform voor mezen is dan ook weer heel aantrekkelijk voor poezen. Maar dit jaar was het nest plots leeg. Eitjes opengebroken, vogeltjes weg. Zijn ze opgegeten door een of ander beest, of zijn ze op eigen kracht weggeraakt we hebben er het raden naar.

De brievenbus lieten we staan, want daar moesten we nog een fotootje van nemen als het licht goed zat. Voor op de blog. Maar toen heeft het zes weken geregend en kwam het er niet van. En al die tijd heeft Postman Pat netjes alle post in de vuilnisbak gestopt, dekseltje open, dekseltje dicht, schoenen uit etc.

Tot het verleden week drie kwartier zonnig was en ik het plaatje fotografeerde. De postbode was nu genoeg gepest. Ik nam de vuilnisemmer weg. De brievenbus moest uitgekuist worden. Een paar weken met zijn zevenen in een nestje van mos zitten, heel fris kan dat niet zijn. Vogeltjes willen liefst ook zelf telkens een fris nestje maken. Ik opende het deksel en toen kreeg ik boze mamamees in mijn gezicht: tjsitjsitjsitjsitjsitjsitjsi en weg was ze. Er lagen weer zes eitjes.
De emmer staat er terug, de postbode moet nog wat langer op zijn sokken lopen, en menslief wat heb ik smeerpoetsen van mezen deze keer.

Dappere postbode die dit gedrocht dagelijks moet trotseren
Dank, de mezen

Het voetje krijgen

Kennen jullie dat: het voetje krijgen? Als je op onze autotraagwegen lekker file staat, of aan schildpaddentrek avanceert richting ondergaand humeur, dat er dan zo’n gehelmde motorrijder voorbijrijdt tussen het eerste en het tweede vak door, je kent het? Wel, als je die motorrijder ziet afkomen, met rechte rug, handen losjes op het stuur aan een matige vijftig (toch een 1000% meer dan wat jij rijdt), dan ga je nog wat meer aan de kant rijden zodat hij alle ruimte krijgt om elders te verongelukken. Als je dan een sympathieke motormens hebt, dan krijg je van hem of haar ‘het voetje’. Dan bedankt hij je door zijn voet eventjes van de versnellingen te nemen en met de tip in je richting te wijzen, zijn manier om je te bedanken voor je attente rijstijl. Wel, dat noem ik ‘het voetje krijgen’. Als je maandenlang in de file zit, kan dit onnozele spelletje het humeur nog iet of wat op peil houden: om ter meest voetjes krijgen. Het is niet veel, maar het is toch iets om je aan de mensheid op te trekken.

Ook verleden week reed ik mezelf in ons dorp vast in een plaatselijke file. Zowel richting Aldi als richting niet naar de Aldi zat alles dicht. We schoven met zijn allen wieltje voor wieltje, ribbel voor ribbel, millimeter voor millimeter toen plots een knetterend geluid, type kaduke grasmaaier, aanzwol. Tegen topsnelheid, een slordige vijfentwintig per uur kwam een snorfiets aangesjeesd met daarop een ventje van achtentachtig met witte snor en groene pothelm op. Ik schrok me een punthelm en  trok in een wilde beweging mijn stuur naar links. Het ventje passeerde knalpottend en gaf mij het voetje. Ik heb er de rest van de dag om gegniffeld.

vrroemm

Zoiets, maar dan met een pothelm op een snorfiets, besnord en 88 jaar oud

Breken – een drama in vijf deeltjes

Inleiding – Breek de code
Al maanden loert het ons aan, dit mysterie, vanop pagina ‘5 mei’ van de kalender. In beverig klein potloodgeschrift neergekriebeld staat ons daar naar ons te loensen: ‘toneel Karen’.
Geen uur, geen titel, geen locatie, niks. Alleen die twee woordjes: toneel Karen.

Karen kennen we, dat is een collega van Zap.
Toneel kennen we ook, dat is het leven spelen maar dan anders.
En zelfs bij de combinatie toneel Karen kunnen we iets verzinnen. Karen heeft voor ons kaarten gekocht voor een toneelvoorstelling en wij weten niet meer dewelke.
Curiezeneuzen bellen dan Karen bellen om duiding. Maar ik ben daar niet zo nieuwsgierig. Zapnimf daarentegen! Maar die is dan vergeetachtig en somtijds een tikkeltje lui.
Door die combinatie werd het geheim pas opgehelderd de avond voordien: de voorstelling is, nikske toneel natuurlijk, Kommil Foo met hun nieuwe show “Breken”. En was die voorstelling nu in het Bruggeske of in het Kerkske? Neuh neuh neuh, in de Arenbergschouwburg, mevrouw. Toe maar, in de Arenbergschouwburg.

Zeer op niveau
Voorspel – Breek de tijd
We waren aan de krappe kant, want we moesten vroeg zijn: het waren ongenummerde plaatsen.
De auto werd op een boogscheut (uit een klein boogje) van de theaterzaal weggestopt, de parkeermeter gevoerd met nikkelwerk en haastig haastig stapten we fiks, fors en kordaat naar de place to be. Wel een beetje knorrig omdat de kaarten 25 euro kostten. Ook dat waren we vergeten. Kommil Foo is wel goed, maar 25 euro, dat is er toch net over.
We bleken uren te vroeg. Want de plaatsen waren wél genummerd. Zelfs die van ons. Alleen stond naast de plaats: Loge(*) 11, stoel 3 ook nog “ongenummerde plaatsen” gedrukt. Om de mens in verwarring te brengen, zo zijn die sinjoren.

Hoofdvogel – Breken van Kommil Foo
De show begon met een stekkedozeke en het eindigde met een volmondig meegezongen:
Faldera faldera hopsa, vrolijk zijn!
Het blijft alleen nog wachten op Magere Hein
Nooit vergeten dat we allemaal de pijp uit gaan.
En er tussenin was alles zeer zeer zeer goed. De helft van de tijd was Zap aan het snotteren, en de andere helft was ze aan het gieren van het lachen. En ja, we zijn in die periode, maar toch!
De 25 euro gaven we er gaarne aan. Gaat dat zien, gaat dat zien. Bij u in de buurt zal het goedkoper zijn. Voilà, zeg dat ik het gezegd heb.

Naspel – Breek de conversatie
De avond werd afgesloten met een nakaart rondje, besproeid met duveltje, koffie, kriek, wijntje, cola. Zo van die dingen. Zap voerde het hoge woord, en iemand anders uit het gezelschap deed duchtig mee. Pas naar het einde toe vond ik een gaatje waar ik een leuke anecdote kon tussenwriemelen. Jeuj. Ik verhefte mijn stem, maakte een wijde gesticulatie, en kletterde de volle melkkan met een armbeweging, hoppakee over mijn broek, de tafel, de stoel, het parket. Maar vooral toch over mijn broek. Mensen vragen zich soms af waarom ik zo weinig zeg. Omdat ik praat met mijn armen. Daarom dus.
De rest van de avond zat ik de deppen en te betten en rook ik naar baby-overgeefsel. Fijn.

Slot & Nieuwe start – Breken/Brak/Gebroken
Verheugd en voldaan stapten we naar onze wagen, waar de volgende episode van Breken begon…

De bolide eens weer thuis

Met brakke grondsmaak, zonder GPS noch zonnebril op sterkte de nacht door

(*) Jawel, wij zijn logemensen, wij zitten verheven boven het plebs(**).
(**) ’t Was allemaal dezelfde prijs, we waren gewoon vroeger met onze reservatie. Of wat dacht je.